Onopvallende stukjes plakband op de pitmuur helpen DTM-teams om ‘unsafe releases’ te voorkomen: hoe het uitgekiende systeem werkt
De DTM heeft op de Norisring een grotere afstand tussen de pitstops voorgeschreven om ‘unsafe release’-incidenten en botsingen in de pitstraat te voorkomen. Maar ook de teams zelf hebben manieren gevonden om zich tegen een ‘unsafe release’ te wapenen – en wel met slimme markeringen.
Al op de Lausitzring vielen talrijke reflecterende stickers op, die goed zichtbaar voor de monteurs aan de rand van de pitstraat waren aangebracht – in het bovenste gedeelte die van de DTM-teams, in het onderste die van de ADAC GT Masters-teams. Maar hoe werkt het systeem precies?
“De lollipop-man stelt referentiepunten vast”, legt Steve Buschmann uit, teammanager bij het Mercedes-AMG-Team Winward. “Dat zijn die stickers, die tape, die aan de pitmuur zijn aangebracht.”
Team bepaalt ‘unsafe release’-corridor
De plek waar de twee markeringen worden aangebracht, wordt volgens Buschmann nauwkeurig berekend. „We bepalen een corridor waarbinnen de lollipop zich onderaan moet bevinden”, vervolgt de teammanager. „Binnen deze corridor is bij een normale release gegarandeerd dat we bij het uitrijden tegen die auto aanrijden – en die corridor markeren we.”
Dat betekent: als de naderende auto van de concurrentie zich tussen de eerste en de tweede markering in de pitstraat bevindt, zou het loslaten van de eigen auto volgens de Winward-berekening gegarandeerd een ‘unsafe release’ betekenen. En wel volgens de DTM-criteria.
De raceserie is namelijk wereldwijd de enige waarin de Fast Lane geen voorrang geniet wanneer een auto bij het wegrijden na de pitstop volledig voorop ligt bij het overschrijden van de witte lijn tussen de Working Lane en de Fast Lane.
Waarom de lollipop niet aangeeft wanneer de coureur wegrijdt
En nog iets is belangrijk: de zogenaamde ‘car controller’ is met zijn lollipop uitsluitend verantwoordelijk om de coureur aan te geven wanneer wegrijden een ‘unsafe release’ zou betekenen. “Daarom noemen we hem ook wel ‘traffic manager’”, zegt Buschmann.
De lollipop staat dus alleen omlaag als er een ander voertuig in de ‘unsafe release’-corridor bevindt. En is niet bedoeld om de coureur aan te geven wanneer hij moet wegrijden, want de coureur ziet zijn pitcrew en voelt door het dalen van de auto – veroorzaakt door de persluchtstempels – sowieso wanneer de pitstop voorbij is en hij gas kan geven.
“Dat is het grote voordeel van ons systeem”
Maar hoe berekent het Winward-team de twee punten voor de corridor? “Dat kun je relatief eenvoudig berekenen door uit te gaan van de gemiddelde reactietijd van de coureurs, want elke release is anders”, legt Buschmann uit. Er zijn echter ook teams die hierin tot het uiterste gaan.
“Je zou het tot het uiterste kunnen doorvoeren door het precies af te stemmen op dat ‘unsafe release’-punt waarop de auto de lijn overschrijdt. Dat betekent dat je de lollipop altijd omhoog houdt, behalve op dat korte moment waarop die overlapping plaatsvindt en de auto die lijn overschrijdt. Sommige teams doen dat. Wij spelen echter liever op veilig.”
Zo voorkomt het Winward-team ook dat twee auto’s naast elkaar rijden in de pitstraat. „Dat is het grote voordeel van ons systeem”, zegt Buschmann niet zonder trots. Maar ook bij het Mercedes-AMG-team zijn ‘unsafe releases’ niet volledig uit te sluiten.
“Zoals gezegd gaat het om gemiddelde waarden”, zegt hij. “Als de auto terugvalt en de coureur even niet oplet – of de koppeling werkt niet of wat dan ook – dan is alles naar de knoppen.”






