Vriendschap in de paddock? Voor Pedro Acosta is dat niet per se een voordeel – De Spanjaard vertelt openhartig waarom hij geen vrienden heeft onder zijn rivalen
Pedro Acosta is niet het type coureur dat in de paddock dwangmatig op zoek is naar harmonie. Terwijl de MotoGP de afgelopen jaren steeds meer inzet op nabijheid tussen coureurs, gezamenlijke optredens en een vriendschappelijk imago, bekijkt de Spanjaard deze ontwikkeling met een zekere afstand.
“Misschien ben ik wel het zwarte schaap van de familie”, of anders gezegd: hij ziet zichzelf als iemand die “niet de heersende trend volgt”.
Zijn redenering is pragmatisch. De coureurs leven weliswaar samen in dezelfde wereld, maar streven uiteindelijk allemaal hetzelfde doel na. „We zijn hier allemaal om dezelfde droom na te jagen, en het is erg moeilijk om een oprechte relatie te hebben met iemand die precies hetzelfde wil als jij”, legt Acosta uit.
Want op een gegeven moment, zo luidt zijn redenering, staat de gezamenlijke droom boven elke vriendschap. “Om zijn droom te verwezenlijken, zou deze tegenstander in staat zijn om iedereen te verslaan, althans op sportief vlak”, zegt de Spanjaard enigszins overdreven.
En als hij niet volledig eerlijk tegen iemand kan zijn, trekt hij zich liever terug en bewaart hij een zekere afstand, zo luidt de benadering van Acosta. Daarom geeft de KTM-coureur ook ronduit toe: “Ik heb nooit vrienden gehad in de paddock.”
Geen vrienden, geen remmingen
Maar de 22-jarige ziet daar ook zeker voordelen in. „Ik ben daar blij om, want zo heb ik geen scrupules om iemand op het circuit in te halen”, legt Acosta uit. Dat wil zeggen: wie op het circuit tegen iemand strijdt, hoeft geen rekening te houden met een vriendschap buiten het circuit.
De Spanjaard gelooft dat juist deze hardheid deels ontbreekt in het huidige MotoGP-veld. „Vroeger waren er grote rivaliteiten: Rossi tegen Biaggi, Criville tegen Doohan, Rossi tegen Marquez. Dat waren geen eenvoudige relaties”, herinnert hij zich. “Misschien is dat wel het pittige ingrediënt dat de MotoGP momenteel mist.”
Het gaat er daarbij niet om kunstmatig conflicten te creëren. Acosta’s houding is eerder: rivalen hoeven geen vijanden te zijn, maar ze hoeven ook niet per se vrienden te worden.
Acosta: “Dan houd ik liever wat afstand”
Deze instelling verklaart ook waarom hij het huidige rijderskamp anders ervaart dan sommige van zijn collega’s. Hij merkt op dat veel coureurs bevriend zijn, samen tijd doorbrengen en ook buiten het circuit goed met elkaar kunnen opschieten.
Dat accepteert hij: „Ik begrijp dat de meeste coureurs hecht met elkaar zijn en dat je met elk van hen een gesprek kunt voeren.“ Voor hem blijft er echter een grens bestaan.
Want zodra de helmen worden opgezet, gaat het om dezelfde posities, dezelfde punten en uiteindelijk dezelfde wereldtitel. Acosta blijft daarom trouw aan zichzelf en zoekt zijn eigen weg: „Als ik niet oprecht tegen je kan zijn, doe ik liever een stap terug en houd ik een zekere afstand.”
Dat past bij zijn hele houding: Acosta omschrijft zichzelf als een rechtdoorzee persoon, die ook streng is voor zichzelf. Hij wil zijn rivalen niet behagen. Hij wil ze verslaan. Juist daarom zal zijn komst bij Ducati bijzonder interessant worden, niet alleen vanwege de combinatie met Marc Marquez.






