Hij heeft het weer voor elkaar gekregen: Mikel Merino stond tegen België vlak voor tijd op de juiste plek en loodste Spanje naar de halve finale van het WK. Het was niet de eerste keer dat de middenvelder van Arsenal op een cruciaal moment zijn neus voor doelpunten liet zien.
5 juli 2024 is voor de meeste Duitse voetbalfans waarschijnlijk geen prettige herinnering: destijds werd het Duitse elftal na een spannende kwartfinale op het EK in eigen land met 1-2 na verlenging uitgeschakeld door het latere Europees kampioen Spanje. In het collectieve Duitse voetbalgeheugen is vooral de handsbal van Marc Cucurella blijven hangen. Het was echter ook de dag waarop Mikel Merino doorbrak als Spaanse matchwinner. In de 119e minuut kopte de middenvelder zijn team destijds naar de overwinning. En twee jaar later, tijdens het WK 2026, zet hij zijn verbazingwekkende verhaal voort.
Toeval of is Merino een doelpuntenmaker?
In de achtste finale van het WK tegen Portugal was de eerste minuut van de blessuretijd aangebroken toen Merino plotseling vrij voor het doel opdook en koelbloedig de beslissende 1-0 binnenschoot. En enkele dagen later, in de kwartfinale tegen België, was hij alweer de gevierde held: net als in 2024 tegen Duitsland en in de achtste finale tegen Portugal werd Merino pas laat ingewisseld. En opnieuw had hij het juiste instinct. Bij een fout van doelman Senne Lammens stond de 30-jarige speler precies op de juiste plek en werkte de bal binnen voor de 2-1-eindstand. Is dit allemaal nog toeval of schuilt er in deze centrale middenvelder een koelbloedige doelpuntenmaker?
Merino had na de wedstrijd hierover een duidelijke mening: „Het lijkt toeval, maar dat is het eigenlijk niet. Als je goed voorbereid in zulke situaties stapt, kan zoiets weer gebeuren”, zei hij in een interview met de FIFA. Hij betwijfelde weliswaar „dat het nog een keer gebeurt”, maar we zullen wel zien. De gebeurtenissen op het veld waren voor de Spanjaard in de mixed zone „moeilijk in woorden uit te leggen”. Nog twee wedstrijden verwijderd zijn van het winnen van het wereldkampioenschap is „een droom die werkelijkheid kan worden“.
In de halve finale wacht Spanje dinsdag (21.00 uur) op de tot nu toe beste ploeg van het toernooi: Frankrijk. Maar als er iemand is die weet hoe je deze overweldigende Fransen moet verslaan, dan zijn het wel de Spanjaarden. Dat beseft ook bondscoach Luis de la Fuente: „Wij zijn het enige team dat Frankrijk al twee keer heeft kunnen verslaan.“ Het is volkomen gerechtvaardigd om te geloven „dat we Frankrijk kunnen verslaan“, oordeelde de bondscoach, die zich zeer tevreden toonde over de instelling van zijn spelers.
Want net als tegen Portugal lukte het de Spanjaarden ook tegen België aanvallend lang niet alles. De enorme dominantie werd slechts in enkele kansen omgezet. Uiteindelijk was het echter weer genoeg voor de overwinning: „Dat toont het karakter van deze ploeg. Het is een eer om een team te trainen dat zo toegewijd is en zich voortdurend wil verbeteren”, zei de la Fuente. Het niveau is gewoon „extreem hoog“ en daarom is het „ongelooflijk moeilijk om wedstrijden te winnen“.
In de halve finale wacht een gerijpt Frankrijk
En makkelijker wordt het zeker niet. Want hoewel Spanje Frankrijk in 2024 in de halve finale van het EK (2-1) en in 2025 in de halve finale van de Nations League (5-4) heeft verslagen, komen de Fransen rond superster Kylian Mbappé op dit WK nog volwassener over. Misschien is uiteindelijk weer de beslissende speler Merino nodig om ook de topfavoriet te dwarsbomen.






