Een kleine fout bij de voorbereiding van de Yamaha van Fabio Quartararo had in Silverstone grote gevolgen – Hoe het echt kwam tot zijn straf van 16 seconden
Een fout bij de afstelling van de Yamaha van Fabio Quartararo was de reden voor de in Silverstone opgelegde straf, waardoor hij uit de punten viel.
Fabio Quartararo verloor de punten die hij in Silverstone had behaald door een straf van 16 seconden en zakte terug naar de 16e plaats. Een dergelijke straf wordt normaal gesproken opgelegd wanneer een coureur onvoldoende ronden heeft gereden met een bandenspanning die om veiligheidsredenen boven de door Michelin voorgeschreven minimumwaarde ligt. Dat was zondag echter niet het geval.
De Yamaha-coureur werd bestraft omdat de drukwaarden van zijn voorband simpelweg niet door het controlesysteem werden geregistreerd. In de strafuitspraak stond dat „de sensor-ID niet in de database van de ontvanger was geregistreerd“. Deze situatie was het gevolg van een procedurefout van het team van Quartararo.
De op de velgen gemonteerde druksensoren en de eenheid die verantwoordelijk is voor de draadloze ontvangst en opslag van hun gegevens – het zogenaamde Tyre Pressure Monitoring System (TPMS) – worden voor het gehele kampioenschap geleverd door het Franse bedrijf OnRace Motorsports.
Vervolgens is elke fabrikant verantwoordelijk voor het beheer van zijn voorraad sensoren, het monteren ervan op de motorfietsen en het configureren van het systeem.
Een tijdens de race geconstateerd probleem
Tijdens de race werden de gegevens van de bandenspanningssensor van de voorband op de motorfiets van Quartararo niet in realtime doorgegeven aan de organisatoren van het kampioenschap. Danny Aldridge, de technisch directeur van de MotoGP, vroeg OnRace Motorsports na afloop van de race om het probleem te analyseren.
Allereerst werd gecontroleerd of de sensor werkte. Hiervoor werden de parameters van de sensor, zoals druk, temperatuur en batterijstatus, uitgelezen met behulp van een apparaat dat voor alle teams beschikbaar was. De bandenspanning werd vervolgens vergeleken met de druk die Michelin met behulp van een manometer had gemeten. Beide meetwaarden waren identiek. De sensor werkte dus naar behoren.
Er werd echter geen communicatie tot stand gebracht tussen het op de motorfiets gemonteerde systeem en de ECU, die tijdens de race verbonden is met de systemen van het kampioenschap. Verder onderzoek moest uitwijzen of het probleem bij het systeem zelf lag of bij de voorbereiding van de motorfiets was ontstaan.
De sensor stond niet geregistreerd in de ontvanger
Het bandenspanningscontrolesysteem moet vooraf worden geconfigureerd. Elke fabrikant moet de identificatienummers van de sensoren die op zijn motorfietsen worden gebruikt, in de ontvanger registreren. Bovendien moet het systeem weten of elke sensor bij het voor- of achterwiel hoort.
Uit de analyse bleek dat de sensor die op de velg van Quartararo’s motorfiets was gemonteerd, niet voorkwam in de lijst van sensoren die in het geheugen van de ontvanger waren opgeslagen. De sensor zelf werkte dus prima, maar de ontvanger kon hem niet identificeren en was niet in staat om de gegevens ervan te ontvangen.
Aangezien bij geen enkel onderdeel tekenen van een defect werden vastgesteld, kon het alleen gaan om een nalatigheid van Yamaha bij het instellen van de motorfiets vóór de race.
Dit vormt een overtreding van het reglement. De verantwoordelijkheid hiervoor is duidelijk vastgelegd in artikel 2.4.4.9.1: De fabrikanten moeten ervoor zorgen dat de op hun motorfietsen gemonteerde sensoren correct zijn geregistreerd en dat het meetsysteem vóór de race naar behoren functioneert.
Het kampioenschap houdt sinds Silverstone 2023, dus al drie jaar, toezicht op de bandengegevens. Tot nu toe is nog geen enkel team met een dergelijke nalatigheid geconfronteerd.
Systeem moet onterechte straffen voorkomen
Een storing van de sensor of het TPMS-systeem leidt niet automatisch tot een straf voor een coureur of een team. De procedures die voor dergelijke gevallen zijn voorzien, zijn er met name op gericht om vast te stellen of een mogelijk gegevensverlies te wijten is aan een technisch probleem of aan een configuratiefout. Daarbij zijn de verantwoordelijkheden tussen de systeemleverancier en de teams duidelijk afgebakend.
De technische documentatie die aan de fabrikanten ter beschikking wordt gesteld, beschrijft de te volgen procedure. Hiertoe behoort met name de zogenaamde „Permit List“, waarin de sensor-ID’s zijn opgenomen die aan het voor- en achterwiel zijn toegewezen.
De fabrikanten moeten de sensor-ID’s correct in de „Permit List“ registreren, zodat elke motorfiets de aan hem toegewezen sensoren kan herkennen. Bovendien moeten zij regelmatig de toestand van de sensoraccu’s en de spanning daarvan controleren om ervoor te zorgen dat de sensoren tot het einde van de race blijven functioneren.
Als een sensor tijdens een training of race uitvalt, wordt de oorzaak onderzocht. Als een sensor naar behoren functioneert, maar niet in de ontvanger is geregistreerd, wordt dit beschouwd als een configuratiefout die aan het team moet worden toegeschreven.
Op de motor van Quartararo werkte de sensor feilloos, de drukmeting was correct en er werd geen fout in het systeem vastgesteld. Het probleem was uitsluitend dat de gegevens in het geheugen van de ontvanger ontbraken. Deze procedurefout leidde tot de opgelegde straf van 16 seconden.

